
Ik verklaar dat onze wereld hol is en bewoonbaar van binnen. De aarde bestaat uit vaste, in elkaar passende schillen met openingen aan beide polen. Deze openingen hebben geografische afmetingen van twaalf tot zestien graden. Ik ben bereid mijn leven in de waagschaal te stellen en in de openingen af te dalen als ik steun krijg voor een expeditie.
Een reis naar het binnenste van de aarde! Geen fantasieverhaal van Jules Verne, maar een serieus voorstel van de voormalige Amerikaanse legerkapitein John Cleves Symmes. Symmes stuurde zijn brief aan het Congres, de gouverneurs van de Verenigde Staten, wetenschappelijke instellingen en bekende personen. Om zijn verzoek kracht bij te zetten, voegde hij twee bijlagen toe: de aankondiging van een nog door hem te schrijven boek, en een doktersverklaring. Medisch onderzoek had uitgewezen dat Symmes in het volle bezit van zijn verstandelijke vermogens was!
Zo gek was Symmes' theorie ook niet. Want toen hij zijn brief op 10 april 1818 rondstuurde, waren noord- en zuidpool nog grotendeels onbekend gebied. Daar, middenin het ijs, konden dus rare dingen liggen. Volgens Symmes waren er aan de polen 'schachten' die de uiteinden vormden van één lange tunnel. Die voerde dwars door de aarde. De tunnel viel niet precies samen met de aardas, maar maakte er een hoek van twaalf graden mee.
De schacht in het noordpoolgebied was 3000 kilometer in doorsnede en strekte zich uit van het noorden van Siberië tot aan Spitsbergen. Hij kon het best vanuit Rusland worden bereikt. De schacht aan de zuidpool was nog groter, maar door het ijs daar kwam je er veel moeilijker bij. Toch waren zeevaarders er al zonder het te weten langs gevaren. Aan de zuidelijk sterrenhemel zagen zij immers de Magalhaese Wolken flonkeren. Dat waren geen nevels aan de sterrenhemel, maar schitteringen van het ijs aan de overzijde van het gat!
De Russische regering bood Symmes een post aan bij een expeditie die vanuit Oost-Siberië zou vertrekken. Maar helaas overleed Symmes nog voordat die was georganiseerd. Daarna werd de expeditie afgeblazen.
Boren? Vergeet het maar!
Dat was nog niet het einde van de theorie over de holle aarde. In 1869 ging de Amerikaanse arts Cyrys Teed nog verder en verklaarde dat we niet op maar in de aarde leefden! De aardbodem was slechts 150 kilometer dik en vormde een bolschil die de hele ruimte met zon, maan en sterren erin omvatte.
Cyrus Teed veranderde zijn naam in Koresh (oud-Hebreeuws voor Cyrus). In het zuiden van Florida stichtte hij een sekte. Zijn Koreshan Unity telde in het begin van deze eeuw vierduizend aanhangers. Aan de Golf van Mexico nam de sekte proeven met een 'rectilineator', een instrument dat liet zien waar voorwerpen terechtkwamen als je ze wegschoot naar de omhoog welvende aarde. En inderdaad: weggeschoten projectielen plonsden op precies de aangewezen plaats in zee! De laatste aanhangster van de sekte, miss Hedwig Michel, stierf in 1983 op negentigjarige leeftijd.
Geofysisci, de wetenschappers die zich bezighouden met de natuurkundige eigenschappen van de aarde, lachen natuurlijk om zulke onzin over een holle aarde. En toch verkeren ook zij in onzekerheid over hoe de aarde er van binnen uitziet. Want hoe kom je daarachter? "Als we een gat naar het middelpunt van de aarde konden boren, was het heel eenvoudig," reageert Don Anderson, de directeur van het seismologisch laboratorium van het California Institute of Technology. "Dan konden we rechtstreeks temperaturen en dichtheden meten, en aan de hand daarvan stromingspatronen van gesteenten in het aardinwendige berekenen."
Een gat boren naar het centrum van de aarde is echter onmogelijk. Met de huidige boortechnieken zijn de Amerikanen tot tien en de Russen tot op een diepte van dertien kilometer gekomen. Dat is nog niet eens door de aardkorst heen. Het zijn maar muggesteken vergeleken met de afstand van 6360 kilometer naar het midden van de aarde. Zelfs als de boortechnieken verbeteren, zouden temperatuur en druk nog steeds een verdere voortgang verhinderen. Op dertien kilometer diepte is de temperatuur 'maar' 250 C. Op 700 kilometer diepte is dat opgelopen tot 1000 C, waardoor al het gesteente is gesmolten. In de aardkern tenslotte loopt de temperatuur op tot 4000 à 8000 C en heerst een druk van een paar miljoen kilogram per vierkante centimeter. "Daarom," zucht Anderson, "is het binnenste van de aarde nog verder weg dan de sterren. Misschien zelfs wel verder weg: de sterren kunnen tenminste nog worden gefotografeerd!"